SURFfoundation - Wiki

Geesteswetenschappen

Bij de geesteswetenschappen richten onderzoekers zich op de publicatie van die ene mono-grafie uitgegeven door een gerenommeerde uitgeverij, zoals bijv. Cambridge University Press of Stanford University Press. Tijdschriften spelen een veel minder belangrijke rol dan in de exacte wetenschappen. Er bestaat ook geen rangorde binnen de tijdschriften. De gees-teswetenschappen beslaan veel verschillende vakgebieden. Er zijn dan ook veel, kleine uitgeverijtjes actief in al die verschillende deelgebieden. Bij geesteswetenschappen is het publicatieproces veel minder uniform dan bij de exacte wetenschappen.
Een aantal vakgebieden binnen geesteswetenschappen is meer digitaal ontwikkeld dan an-deren. Voorbeelden hiervan zijn algemene taalwetenschap, engelse taal- en letterkunde en de klassieke talen. Bij die vakgebieden is ongeveer 75% van de tijdschriften elektronisch. Andere vakgebieden, zoals bijv nieuw grieks of roemeens, de meeste kleine talen beschik-ken niet over meer dan 5% digitale tijdschriften.
Voor onderzoek in de geesteswetenschappen wordt veel gebruik gemaakt van boeken en tijdschriften. Juist omdat dit materiaal vaak niet digitaal beschikbaar is, is het soms moei-lijk verkrijgbaar en moeten met name boeken vaak worden gereserveerd, aangevraagd of worden besteld. Dit kan het onderzoek vertragen.
De Faculteit der Geesteswetenschappen besteedde in 2008 € 327.000 voor online toegang tot tijdschriften en databases en een een bedrag van € 529.000 voor gedrukte publicaties.

Publicaties

De Faculteit der Geesteswetenschappen produceert jaarlijks ca. 1350 wetenschappelijke publicaties, waarvan ca. 500 boeken of boekhoofdstukken, ca. 450 tijdschriftartikelen, 46 dissertaties, 14 rapporten en overige publicaties31.
Bij geesteswetenschappen worden onderzoekers niet afgerekend op hun wetenschappelijke output. Men wordt wel geacht één keer per jaar een artikel in een wetenschappelijk tijd-schrift te publiceren. De European Science Foundation heeft initatief genomen om tijd-schriften in de Humaniora vakgebieden te rangschikken in A,B en C tijdschriften. Er zijn voor de verschillende vakgebieden, verschillende lijsten. De lijsten worden niet gebruikt. Er is nog teveel discussie over en het ligt te complex en gevoelig.
Open access tijdschriften hebben binnen geesteswetenschappen niet de standing van de re-guliere tijdschriften. Kortom de open access tijdschriften zijn niet erg belangrijk binnen dit vakgebied. Er zijn ook niet veel hybride tijdschriften. Wellicht enkele bij Oxford University Press. Vanuit de Faculteit der Geesteswetenschappen is ook nog geen enkele keer een beroep gedaan op het OA fonds van de UvA33.
Open access tijdschriften op het gebied van de geesteswetenschappen in de DOAJ:

Vakgebied binnen de geesteswetenschappen open access Hybride
Kunst en Architectuur 98 4
Geschiedenis en Archeologie 141 7
Taal en Literatuur 146 6
Linguïstiek 104 12
Filosofie 93 10
Religie 57 2

Het is ondoenlijk om de belangrijkste open access tijdschriften voor geesteswetenschappen te noemen. Er zijn teveel vakgebieden en er is teveel variëteit. Om diezelfde reden is het ook lastig de belangrijkste (open access) uitgevers van tijdschriften of monografieën in de geesteswetenschappen te noemen.
Er wordt wel geëxperimenteerd binnen de humaniora met open access en e-publishing. Het gaat dan wel om Engelstalige publicaties. Nieuwe initiatieven zijn Gutenberg-e van Co-lumbia University Press, Humanities-Ebooks en OAPEN. Deze initiatieven dateren van recent en bevinden zich in de ontwikkelversie.

Repositories

In de geesteswetenschappen zijn geen grote vakgebonden repositories. Er zijn wel wat kleine repositories, zoals bijv. Classics Research Network37, E-LIS 38(talen) en CogPrints (linguistiek). In 2008 is de repository hprints gelanceerd door de Universiteitsbibliotheek van Kopenhagen. Hprints is een repository voor pre-prints, reprints, working papers, boek-hoofdstukken etc. in de geesteswetenschappen waarin iedereen kan deponeren40. Het is bij de geesteswetenschappen niet gebruikelijk om met pre-prints te werken. Vakgebieden waar misschien winst valt te behalen zijn taalwetenschap, taalkunde en filosofie.
Redenen waarom de institutionele repository niet aanslaat zouden kunnen zijn:

  • De institutionele repository is onbekend bij geesteswetenschappers.
  • De meerwaarde is onduidelijk.
  • Open access (en dus ook de institutionele repository) wordt geassocieerd met tijdschriften, terwijl het in de humaniora meer gaat om boekpublica-ties.
  • UvA-DARE is niet up-to-date.
  • De institutionele repository bevat (te) veel fouten.
  • Bij geesteswetenschappen wordt de repository niet als iets van de onder-zoekers zelf beschouwd. Onderzoekers maken op hun webpagina's eigen publicatielijstjes (ze halen de gegevens niet uit UvA-DARE).
  • De onderzoeksdirecteuren zijn niet overtuigd van nut en noodzaak van de repository.

Aandachtspunten

Onderzoekers willen graag zelf kunnen invoeren in Metis zodat er minder fouten worden gemaakt en de repository up-to-date is.
Opvallend is dat de institutionele repository vaak met tijdschriftartikelen wordt geassoci-eerd. Benadrukt zou moeten worden dat alle typen publicaties (ook boeken en boekhoofd-stukken etc.) in de repository opgenomen kunnen worden. Hierbij dient wel te worden aan-getekend dat auteursrechterlijke beperkingen een rol zouden kunnen spelen. Voor onder-zoekers in de geesteswetenschappen zal het onderhandelen met de uitgevers (in vergelij-king met de juristen van rechtsgeleerdheid) ingewikkelder zijn.
Aangezien bij geesteswetenschappen nog veel materiaal in druk verschijnt, verwachten on-derzoekers dat hun gedrukte publicaties wel duurzaam bewaard zullen blijven. Onderzoe-kers zouden meer op de voordelen van permanente digitale beschikbaarheid van hun publi-caties gewezen moeten worden. Ook indexering door Google Scholar van het materiaal in de repository zou hen over de streep kunnen trekken waardoor zij met meer overtuiging de onderhandelingen met de uitgever kunnen aangaan.

Conclusie

Onderzoek binnen de geesteswetenschappen wordt niet beoordeeld vlg. onderling afge-sproken standaarden. De grote Engelstalige academische uitgeverijen maken de dienst uit en daarnaast zijn er veel kleine spelers. Het grote aantal vakgebieden binnen de humaniora en hun variëteit belemmeren een eenvoudige benadering
Geesteswetenschappen is in vergelijking tot de exacte wetenschappen nog weinig digitaal ontwikkeld. Er wordt nog veel gepubliceerd op papier. Tijdschriften spelen bij geesteswe-tenschappen een minder grote rol dan monografieën. Aan onderzoekers zal duidelijk ge-maakt moeten worden dat de institutionele repository niet alleen voor de (digitale) tijd-schriftartikelen is, maar juist ook voor (gedigitaliseerde) boeken en boekhoofdstukken. Hier valt een enorme winst te behalen omdat veel van dit materiaal nog niet digitaal be-schikbaar is. Door dit materiaal via een institutionele repository digitaal beschikbaar te stel-len is het altijd en voor iedereen te raadplegen. Om dit mogelijk te maken zal het ook noodzakelijk zijn om meer informatie over het auteursrecht te geven. Vakgebieden waar misschien winst valt te behalen: taalwetenschap, taalkunde, filosofie.

Enter labels to add to this page:
Please wait 
Looking for a label? Just start typing.